Verzorging gerbil


Gerbil Er bestaan verschillende soorten gebrils, maar de Mongoolse gerbil wordt verreweg het meest als huisdier gehouden.

Mongoolse gerbils worden ook wel woestijnratjes genoemd, maar deze benaming is eigenlijk foutief aangezien de gerbil nauwer verwant is aan hamsters en woelmuisachtigen dan aan ratten en muizen. Ze komen in de vrije natuur voor in de dorre gebieden van Mongolië en het noorden van China. Het leven speelt zich in de natuur grotendeels onder de grond af waar ze ingenieuze gangenstelsels bouwen. In de natuur zijn het groepsdieren waardoor ze in gevangenschap ook moeilijk of niet alleen gehouden kunnen worden. Bij gebrek aan gezelschap kunnen ze gedragsstoornissen gaan vertonen en tenslotte zelfs wegkwijnen.

De diertjes kunnen alleen op jonge leeftijd bij elkaar geplaatst worden. Op latere leeftijd is het moeilijk om de dieren nog aan elkaar te laten wennen. Volwassen gerbils die elkaar niet kennen zullen vrijwel zeker heel erg gaan vechten. In de groep geboren dieren worden echter wel moeiteloos geaccepteerd. De gerbils herkennen elkaar aan de geur waardoor het aan te raden is de dieren nooit van elkaar te scheiden en later weer samen te brengen.

Ze zijn niet alleen 's nachts, maar ook overdag geregeld actief. Ze nemen om de paar uur een hazenslaapje. Bij de huisvesting dient zeker rekening gehouden te worden met het feit dat het uitstekende springers zijn. Pak een gerbil nooit aan het uiteinde of halverwege de staart op en ondersteun het dier altijd indien men het oppakt aan de staartbasis. De gerbil heeft namelijk als afweermechanisme dat de staart afbreekt om te kunnen ontsnappen.


Voorbeeld van een huisvesting voor gerbil Huisvesting

De gerbil wordt vaak in gewone traliekooien gehouden met op de bodem houtschaafsels. Hoewel ze hier niet echt onder te lijden hebben is het beter om de diertjes in een grote glazen bak te huisvesten. Hierin kan namelijk een flinke laag bodembedekking gegeven worden zodat de diertjes gangenstelsels kunnen bouwen. Dat is niet alleen reuze fijn voor de gerbils, maar het is voor ons mensen ook leuk om te kunnen zien hoe de gerbils gangenstelsels bouwen. Wilt u hierin tegemoetkomen dan is een bodembedekking van zand, voor de verluchting vermengd met houtschaafsel en hooi, beslist een betere keuze. In elk verblijf dienen slaaphokjes aanwezig te zijn. Dit kan bestaan uit een stenen hamsterhuisje, een vogelhokje of een omgekeerde bloempot. Zorg ook voor voldoende klimmogelijkheden zoals stukken wortelhout of wat stenen. In de kooi mogen geen loopradjes staan. De staart van de gerbil kan in een dergelijk radje namelijk klem raken en afbreken. Gerbils wassen zich graag in een apart bakje met wit zand. Dit mag overigens geen schelpenzand zijn.


Het is voldoende om de plaatsen waar de diertjes hun ontlasting deponeren om de dag te verschonen en de rest van het verblijf maandelijks grondig te schoon te maken.


Voeding
Een goede dagelijkse voeding is belangrijk om gezond te blijven.

Hooi
Het hooi dient in voldoende mate en bovendien de hele dag beschikbaar staan.

Gerbilvoeding
Gemengd knaagdierenvoer dat niet al teveel zonnepitten of pinda's bevat is prima voor een gerbil. Het beste is om speciaal gerbilvoer te geven. Zo weet u zeker dat de voeding niet teveel vette zonnepitten en pinda's bevat en dat de gerbil goede voeding krijgt dat afgestemd is op deze diersoort.

Verse groente en fruit
Gerbils lusten ter afwisseling graag kleine stukjes groente en fruit zoals appel en broccoli.

Dierlijke eiwitten
Gerbils lusten graag ter afwisseling wat meelwormen of buffalowormen.

Knaagmateriaal
Om in de knaagbehoefte van de gerbil te voorzien is het aan te raden om naast hooi ook wat wilgen- of fruittakjes te geven.

Drinkwater
Het drinkwater kan het best in een glazen flesje gegeven worden. Ververs het water uiteraard dagelijks.


Voortplanting
De Mongoolse gerbil wordt gemiddeld 3-5 jaar oud. Ze zijn geslachtsrijp op de leeftijd van 3-4 maanden tot 1,5 jaar. Het vrouwtje staat eens in de zes dagen een paring toe. De gemiddelde draagtijd is 24 dagen. Het drachtige vrouwtje maakt voor de bevalling een zelfgegraven hol dat bedekt is met hooi en papiersnippers. De 4 tot 5 jongen die geboren worden zijn zogenoemde nestblijvers, ze worden naakt en blind geboren. Ze wegen bij de geboorte zo'n 2-3 gram. De moeder en de jongen kunnen gewoon bij de rest van de groep gelaten worden. Het mannetje speelt overigens een belangrijke rol bij het grootbrengen van de jongen. Na een week is de vacht van de jongen volgroeid en gaan ze de omgeving verkennen. Wanneer ze 3 weken oud zijn drinken ze geen melk meer bij de moeder. Ze worden gespeend op 4-5 weken ouderdom.